woensdag 1 april 2015

Proeftuin?

Door elkaar: Feuilleton over de veranderingen in de zorg


Deel 4 Het gesprek

Toch wel spannend, de eerste keer een 'keukentafelgesprek'.
Ik heb natuurlijk wel vaker gesprekken gevoerd over de zorg voor onze jongens. Maar dat was altijd aan de telefoon. Meestal werd er dan een vaste procedure gevolgd.
Maar nu zijn het allemaal nieuwe regels en dus een nieuwe manier van indiceren.



Want we hebben bij de gemeente, anders dan in de AWBZ, geen recht op zorg of ondersteuning. Maar de gemeente moet wel voldoen aan haar compensatieplicht.

De medewerker van de gemeente die bij ons op bezoek kwam stelde ons eerst gerust dat de huidige indicatie geldig blijft totdat er een nieuw besluit is. Dat wisten we ondertussen al (zie deel 3), maar toch prettig om nog eens te horen. Ook had de medewerker eerder bij BJZ gewerkt, en bekend met de problematiek.

Gezinssamenstelling

Eerst ging het over onze gezinssamenstelling.
“Oh, u heeft nog een zoon met autisme? Zal ik voor hem ook meteen de indicatie doen? Als jullie dat tenminste geen probleem vinden?”
Nou, daar hebben we ons niet op voorbereid. Onze zoon al helemaal niet. Bovendien is zijn indicatie nog geldig tot april. En hij is al volwassen, dus valt hij onder de wmo en niet de jeugdwet.

Zorgplan

Toen werd er gesproken over het zorgplan. Dat hebben we niet.
“Maar iedereen heeft toch een zorgplan? Dat moet je overleggen aan de SVB, want anders krijg je geen PGB.”
Wij vallen nog onder de oude PGB-regeling, toen had je nog geen zorgplan nodig. Ik heb maar niet gezegd dat het zorgkantoor om een zorgplan vroeg en niet de SVB, anders kom ik zo betweterig over.
“Maar welke zorg hebben jullie dan nodig voor je zoon?”
Dat staat allemaal in de aanvraag. Welke zorg we kregen, welke zorg we nodig hebben en wat we daarmee willen bereiken.
“Oh ja, dan kunnen we dat wel gebruiken voor het zorgplan.”
Het leek wel of onze aanvraag nu pas voor het eerst gelezen werd.

Gezinsinkomen 

Toen kreeg het gesprek een wat rare wending, er werd gevraagd naar ons inkomen. We hebben daar eerlijk antwoord op gegeven, want het zal wel een doel hebben.
Zelf heb ik 2 kleine parttime baantjes, samen ongeveer 8 uur in de week.
Mijn vriend werkt niet, dat kan hij op het moment niet vanwege een chronische aandoening.
En dan werken we voor onze kinderen op basis van het PGB.
“Maar hoe kun je van die 8 uurtjes rondkomen? Hebben jullie bijstand?”
Nee we hebben meer dan die 8 uur, we werken ook voor onze kinderen.
Meteen maar wat urendeclaraties laten zien.
“Maar als het PGB wegvalt missen jullie inkomen. Dan komen jullie in aanmerking voor de bijstand.”
Nee, we komen niet in aanmerking voor bijstand, want we hebben teveel spaargeld.
“En is dat veel meer dan de (grofweg) tienduizend euro die je mag hebben?”
Daar hebben we wat vaag over gedaan, want we begonnen ons een beetje ongemakkelijk te voelen.
Wat heeft dat allemaal te maken met de zorg die onze zoon nodig heeft?

Het is in ieder geval wel duidelijk dat onze zoon extra hulp nodig heeft, zowel buitenshuis als boven-gebruikelijke-zorg. Maar de boven-gebruikelijke-zorg wordt niet geïndiceerd want
“Vader is toch al thuis om jullie zoon op te vangen, dan hoeven we dat niet te indiceren.”
Hier wordt in mijn ogen dus totaal voorbij gegaan aan het feit dat we juist dankzij het PGB er voor kunnen zorgen dat er altijd iemand thuis is. Dat we op die manier zorg met werk kunnen combineren.

Regels

En hoe zit het met de regels, waar moeten we aan voldoen, hoe gaat het PGB eruitzien?
Dat is allemaal nog onduidelijk. Het is nog niet bekend hoe de indicaties er uit gaan zien en welke bedragen daar 'aanhangen'. Want het is allemaal nieuw, sommige dingen moeten nog uitgezocht worden.
“Maar ik zal jullie zo snel mogelijk laten weten hoe het eruit komt te zien. Tot die tijd is de oude indicatie geldig”

En zo blijven wij achter met veel vraagtekens.
We voelen ons een pilot in de proeftuin.

Volgende week deel 5

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen